Bouw en Uitvoering

Zo thuis mogelijk door kwaliteitsaanpak ZorgAccent

TVB Zorg - Zo-thuis-mogelijk

De kwaliteit van zorg- en dienstverlening wordt volgens zorgorganisatie ZorgAccent gemaakt in en door kleinschalige zelfsturende teams, waarin de relatie tussen cliënt en zorgverlener sterk bepalend is. ‘Geef zorgverleners regelruimte en maak de zorg ‘zo thuis mogelijk’. Dan ontstaat er een andere dynamiek. Deze kwaliteitsaanpak is niet nieuw, maar om het te laten slagen, moet je het wel écht doen’, aldus Jos Abrahams, kwaliteitscoördinator van ZorgAccent.

ZorgAccent is actief in wonen, welzijn en zorg in Overijssel (Twente en Salland). De diensten variëren van dagactiviteiten, thuiszorg, intensieve verzorgings- of verpleeghuiszorg, voedings– en dieetadvies tot cursussen en gemaksservices aan huis. Bij de organisatie werken ruim tweeduizend medewerkers en duizend vrijwilligers. In het contact met cliënten, mantelzorgers en partners alsook tussen zorgverleners staat een drietal waarden centraal: 
aandacht voor elkaar, respect en zo thuis mogelijk.

Kleinschalig

Werken in kleinschalige teams en de nadruk op de relatie tussen zorgverlener en cliënt zijn volgens Abrahams dé basis voor kwaliteit van (woon)zorg. Bouw je je kwaliteitssysteem hier omheen, dan doe je het goed. Hij legt uit: ‘In grote teams zien cliënten te veel verschillende gezichten. Doorgaans vinden ze dat niet prettig. Voor de zorgverlener in een groot team is het ook veel lastiger om te weten wat iedere cliënt écht nodig heeft. In een kleine setting – denk aan een omgeving met acht cliënten – is de interactie tussen zorgverleners onderling en met cliënten/mantelzorgers veel beter. Zorgverleners leren de cliënt daardoor écht kennen. Alsook de mantelzorger aan wie gevraagd wordt vanaf het begin mee te denken en te doen. Komt hij op bezoek voor moeder, dan komt hij ook op bezoek voor andere cliënten. Dan doen ze bijvoorbeeld samen een spelletje; hij maakt deel uit van een ‘community’. 
De dynamiek is wezenlijk anders dan in een groot team. Geef je zorg-verleners daarnaast meer regelruimte, dan gebeurt er meer! Let wel, negentig procent van de verpleging bestaat uit vrouwen. Bijna allemaal zijn ze gewend om naast hun baan een gezin draaiende te houden. Creëer je een dergelijke situatie op het werk, dan voelen ze zich als een vis in het water en ontstaan er mooie initiatieven. We noemen dit het ‘zo thuis mogelijk’ gevoel.’

Kleinschaligheid klinkt ideaal, maar hoe zit het met het kostenplaatje? Jos Abrahams: ‘Wil je de verantwoordelijkheid écht bij de teams leggen, dan moet je de managementlaag er tussenuit halen en coaches teruggeven. Doordat teams meer regelruimte krijgen en er extra handen aan bed zijn, kunnen zij een deel van de management- en ondersteuningstaken overnemen. Hierdoor is kleinschaligheid beslist niet duurder dan het werken op de traditionele manier. Wij hebben dan ook een hele platte organisatie; onze directeuren woon- en thuiszorg zijn verantwoordelijk voor alle zorgteams. Onze overhead is amper tien procent.’

Verschil

Werken met kleinschalige zelfsturende teams en de nadruk op de verhouding tussen cliënt en zorgverlener staat bij ZorgAccent dus centraal. Maar, deze visie en werkwijze hebben we vaker gehoord. Wat doet Zorg-Accent anders? Abrahams: ‘Klopt, wij zijn hier niet uniek in. Maar we hebben het wel écht doorgevoerd vanuit een sterke visie. Dat maakt het verschil. Hoe? Door te werken vanuit doelgroepgerichte zorgconcepten. Door het team een budget te geven. Ze zelf te laten koken, wel of niet met cliënt en/of mantelzorger. Ook kopen ze zelf in. Daarnaast hebben we gezorgd voor de nodige voorwaarden, zodat onze zorgverleners goed kunnen werken. We kennen een ondersteunend Woon- en Wijkservicecentrum, waar zorgverleners met hun vragen terecht kunnen. Alsook een Elektronisch Cliëntendossier (ECD). Dit dossier hebben we samen met de zorgverleners ontwikkeld. Zij hebben zelf aangegeven wat ze daarin nodig hebben.’

De Nieuwe Aanpak

Jos Abrahams vertelt dat er in feite drie lagen van kwaliteit bestaan, te weten zorginhoudelijke kwaliteit, professionele kwaliteit en voorwaardelijke kwaliteit. ‘Zorginhoudelijke kwaliteit wordt niet voor niets als eerste genoemd. Daar draait alles om. Kwaliteit van leven staat hierin centraal. Om deze kwaliteit te realiseren, heb je professionele kwaliteit nodig, deskundige medewerkers. In de wijkteams hebben we minimaal niveau 3 met ten minste anderhalf fte niveau 5. Ook in de woonzorg zoeken we naar de juiste kennismix; van niveau 2 t/m 5 en waar nodig ook andersoortig opgeleide zorgverleners. Kortom, we kijken naar wat nodig is om een team goed te laten draaien voor de diverse doelgroepen.’

‘De voorwaardelijke kwaliteit en veiligheid’, vervolgt Abrahams ‘krijgt gestalte in het kwaliteitssysteem ‘De Nieuwe Aanpak’ (DNA), een hulpmiddel waarmee teams zichzelf kunnen onderhouden. Hierin zijn twee rollen en meerdere taken beschreven om zelfsturend te kunnen blijven werken. Vergelijk het met een auto. Daarvoor heb je een karkas, vier wielen, een stuur, rem en gaspedaal nodig. Ontbreekt een van de onderdelen, dan werkt het geheel niet. De kleur en het merk van de auto laten we over aan het team! Wat het team in de woonzorg nodig heeft? Iedere medewerker heeft een rol als zorgverlener en teamspeler. Er moeten goede zorgplannen gemaakt en gecommuniceerd worden. Denk bij de taken aan zorgverleners die veel kennis hebben van incontinentiemateriaal of op het gebied van ergo en tillen. In de wijkteams heb je iemand nodig die de taak van huismeester op zich neemt op de door het team zelf gekozen locatie in de wijk. Ook hebben we medewerkers die kwaliteit in hun pakket hebben. Samen met zorgverleners en waar mogelijk met cliënten en mantelzorgers zijn we voortdurend bezig om dit proces verder uit te kristalliseren. Wel binnen kaders, want ook wij hebben ons te houden aan wet- en regelgeving.’

Wet- en regelgeving

Over wet- en regelgeving gesproken, belemmert dit het werk? Abrahams lacht en zegt: ‘Soms schuurt het. Maar er zit best wel ruimte in die wet- en regelgeving. Vraag je steeds af hoe je het met elkaar op een andere, creatieve, slimmere manier kunt inrichten. Neem als voorbeeld de Haccp-wetgeving, die gaat over voedselveiligheid. We hadden iemand die de Haccp-audits kwam afnemen. Omdat hij van huis uit kok is, hebben we de audit omgevormd tot een kookworkshop. Koken voor een groep van acht mensen is geen vanzelfsprekendheid. We hebben samen met de HACCP-man een kookboek ontwikkeld waarin de voedselveiligheidsregels zijn verwerkt in de vorm van tips. Spelenderwijs leren zorgverleners, mantelzorgers en vrijwilligers gezond, veilig en lekker te koken. Tijdens de jaarlijks terugkerende kookworkshop op locatie, een gezellige happening, wordt nu tevens de audit afgenomen.’

Een ander voorbeeld is de landelijke Zorginhoudelijke (ZI) meting, waarin de kwaliteit van de geboden zorg gemeten wordt. Is de cliënt gevoelig voor decubitus? Of voor depressie? ZorgAccent heeft de huidige ZI-meting vervangen door een eigen systeem van risicosignalering. Een tool geïntegreerd in het ECD. Abrahams verklaart: ‘Deze tool toont niet alleen de scores van de risicosignalering, maar geeft ook een passend advies conform landelijke protocollen. Eigenlijk was dit destijds de bedoeling van de ZI, maar dat kwam niet uit de verf. De Inspectie is overigens op de hoogte van onze werkwijze. Of het goedgekeurd wordt? Dit is een voorbeeld van dat het er tegen aan ‘schuurt’. Maar dat typeert ook onze organisatie. We zoeken de grenzen op om het ‘zo thuis mogelijk’, maar ook veilig en professioneel te houden.’

Thuis

De werkwijze van ZorgAccent werpt zijn vruchten af. Op de PG-afdelingen heerst meer rust, vernemen we van Jos Abrahams. ‘Vroeger was alles programmagericht. Nu kijken we veel meer naar wat de cliënt echt nodig heeft. Heeft hij de behoefte om uit te slapen? Prima. Veel wordt op een alledaagse manier ingevuld. De cliënt probeert nog een aardappel mee te schillen, of helpt bij de afwas. In de tussentijd praat je met elkaar. Het gaat op een hele natuurlijke manier in een omgeving die op de verschillende doelgroepen is afgestemd. Bij mensen met dementie ligt de herkenning van dingen in jaren terug. Daarom staan er in hun huis bijvoorbeeld een oude platenspeler, een radio met knoppen en wordt er veel gewerkt met contrastkleuren voor een betere herkenning.’

Zo thuis mogelijk, hiermee kunnen we het verhaal van ZorgAccent samenvatten. Hoe je dat als zorgorganisatie oppakt én ook daadwerkelijk in de praktijk uitvoert, mag inmiddels duidelijk zijn.

  • De relatie tussen bewoner en zorgverlener staat centraal
  • Zo lang mogelijk thuis of zo thuis mogelijk
  • Gericht op eigen verantwoordelijkheid en wederkerigheid
  • Maatschappelijk meer gezondheid voor de beschikbare euro’s
  • Zorgverleners zijn verantwoordelijk voor gehele zorgproces
  • Meer deskundigheid in teams
  • Wonen, welzijn, zorg en behandeling
  • Ketenzorg
  • Kanteling van de organisatie
  • Samenwerking
  • Vanuit een financieel solide organisatie
  • Uitgaande van wet- en regelgeving