Bouw en Uitvoering

Roep om verzorgingshuizen in de buurt

TVB Zorg - Roep om verzorgingshuizen in de buurt

De sluiting van verzorgingshuizen heeft niet alleen gevolgen voor de bewoners van het huis, maar ook voor duizenden omwonenden die gebruikmaken van de faciliteiten van het verzorgingshuis, zoals het restaurant of sociale activiteiten. Het is dan ook van belang dat woonzorgcentra open blijven.

In het hele land moeten zorgorganisaties locaties sluiten als gevolg van het Regeerakkoord uit 2012, waarin staat dat mensen met een lage zorgvraag geen indicatie meer krijgen voor zorg met verblijf in een verzorgingshuis. Het afgelopen jaar zijn er tientallen al gesloten, maar daar komen er nog zo’n honderd bij, is de verwachting. Dat blijkt uit onderzoek van ActiZ. De branchevereniging roept daarom wooncorporaties, zorgkantoren en gemeenten op om samen met de zorgorganisaties alternatieven te zoeken voor sluiting.

Stand van zaken

ActiZ onderzocht de stand van zaken rond de sluiting van verzorgingshuizen. Van de 440 leden vulden 144 de enquête in. Tot nu toe heeft twaalf procent van de leden een of meerdere locaties gesloten en 34 procent denkt dit in de komende tijd te moeten doen. De grootste golf moet dus nog komen. Driekwart van de zorgorganisaties die een locatie moeten sluiten, heeft alternatieven onderzocht, zoals particuliere verhuur van woningen of het opnemen van bewoners met een zwaardere zorgvraag. Hiervoor is samenwerking met zorgkantoren, gemeenten en woningcorporaties nodig. In een derde van de gevallen lukt het niet om de financiering voor de alternatieve oplossingen rond te krijgen, waardoor zorgorganisaties locaties wel moeten sluiten.

Leegstand

Doordat er geen indicaties meer worden afgegeven voor lage ZZP’s, valt de instroom van nieuwe bewoners stil. Woningen komen leeg te staan. Met veel lege woningen wordt een gebouw onleefbaar, zowel voor bewoners als medewerkers. Ook is leegstand duur. De zorgorganisatie krijgt minder inkomsten, maar moet wel de woningen onderhouden en het personeel betalen. In veel van deze gevallen rest de zorgorganisatie niets anders dan het sluiten van een locatie en moeten bewoners -verhuizen.

Verhuren

Zorgorganisaties kunnen de lege woonruimte niet zomaar aan anderen verhuren. In verzorgingshuizen zijn er ook ruimtes voor collectief gebruik. In de vergoeding van de AWBZ zijn de kosten hiervoor doorberekend. Maar de huurprijs is veel lager, waardoor een zorgorganisatie met een tekort komt te zitten. Ook veroorzaakt verhuur veel administratie voor bewoners en zorgaanbieders, en krijgen organisaties niet altijd toestemming van gemeenten en corporaties om leegkomende verzorgingshuisappartementen te verhuren aan particulieren.

Regels en beperkingen

Evenmin is het mogelijk dat zorgorganisaties mensen huisvesten die zwaardere zorg nodig hebben, omdat ook hiervoor regels en beperkingen gelden. Om mensen met een zwaardere zorgvraag op te nemen, moet het gebouw geschikt zijn. In veel oude verzorgingshuizen zijn de badkamers bijvoorbeeld te klein om de noodzakelijke aanpassingen te realiseren. Als een zorgaanbieder aan alle eisen voldoet, is het vervolgens onzeker of het zorgkantoor de zwaardere zorg ook kan en wil inkopen. Zwaardere zorg is duurder en de budgetten van de zorgkantoren zijn beperkt. Zij kunnen dus niet zo maar afspraken maken met verzorgingshuizen om meer bewoners met zwaardere zorg op te nemen.

Samenwerking

Met andere woorden, de hervorming gaat te snel. Een goede samenwerking tussen zorgorganisatie, woningcorporaties, zorgkantoren en gemeenten is dus essentieel om een verzorgingshuis open te houden. Dat is belangrijk omdat de vraag naar beschermde woonruimte niet zal dalen. Want ondanks dat mensen langer zelfstandig blijven wonen, blijft de vraag naar plaatsing in een woonzorgcentrum bestaan. Deels omdat de vergrijzing zorgt voor meer mensen met een zwaardere zorgvraag. En deels omdat mensen met een lichtere zorgvraag toch graag in een beschermde omgeving willen wonen, ook als zij daarvoor zelf de huur moeten betalen. Die woonruimte moet er dan wel zijn. Ook de overheid heeft hierin een rol, vindt ActiZ, om verhuur van woningen in een verzorgingshuis makkelijker te maken door bijvoorbeeld regels aan te passen.

Ondersteunende functie

Op dit moment hebben veel woonzorgcentra een belangrijke ondersteunende functie in de wijk. Vaak zijn er aanleunwoningen waarvan de bewoners gebruikmaken van de faciliteiten van het zorgcentrum. De zorg is dichtbij, en ook het restaurant en sociale activiteiten zoals de biljartclub of de kaartclub. Van deze laatste faciliteiten maken ook vaak anderen uit de wijk gebruik. Deze ondersteuning verdwijnt als het woonzorgcentrum sluit. ‘Het klinkt misschien tegenstrijdig’, zegt ActiZ directeur Aad Koster, ‘maar het woonzorgcentrum is nodig om duizenden mensen langer zelfstandig te kunnen laten wonen.’ Als verzorgingshuizen massaal sluiten, wordt niet alleen het kind met het badwater weggegooid, maar ontstaat een beweging die precies tegengesteld is aan het beoogde resultaat; dan zullen mensen eerder zwaardere hulp nodig hebben en een groter beroep doen op de professionele, betaalde zorg.

In het Regeerakkoord ligt vast dat per 1 januari 2013 geen nieuwe indicaties meer gegeven worden voor ZZP 1 en 2, dat vanaf 1 januari 2014 geen nieuwe indicaties meer worden gegeven voor ZZP 3 en vanaf 2016 mogen veel minder indicaties afgegeven worden voor ZZP 4. Mensen met een lage zorgvraag moeten langer zelfstandig blijven wonen en zelf huur betalen. Zij krijgen dan zorg thuis.