Het mentale herstel van jongeren na de coronapandemie verloopt niet op alle terreinen. Vooral het aandeel jongeren met suïcidale gedachten bleef hoger dan vóór de pandemie. Dat blijkt uit vijf jaar onderzoek naar de gezondheid en het welzijn van jongeren van 16 tot 25 jaar, uitgevoerd door onder meer het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en onderzoeksinstituut Nivel.
De mentale gezondheid verslechterde tijdens de coronapandemie het sterkst in de winter van 2021-2022. Nederland zat toen in de laatste lockdown. In december 2021 had 9 procent van de onderzochte jongeren suïcidale gedachten. In maart 2022 was dat aandeel opgelopen tot 17 procent. Die stijging bleek niet van korte duur: het percentage bleef tot eind 2025 verhoogd.
Herstel verschilt per onderdeel
De onderzoeksresultaten laten tegelijk zien dat andere gevolgen van de pandemie geleidelijk afnamen. Het mentale welzijn verbeterde na verloop van tijd, evenals gevoelens van eenzaamheid, stress en lichamelijke klachten. Voor jongeren met suïcidale gedachten was een vergelijkbare verbetering niet zichtbaar.
| Onderdeel | Bevinding |
|---|---|
| Onderzoeksgroep | Jongeren van 16 tot 25 jaar |
| Suïcidale gedachten in december 2021 | 9 procent |
| Suïcidale gedachten in maart 2022 | 17 procent |
| Periode waarin het aandeel verhoogd bleef | Tot eind 2025 |
Verschillen tussen jongeren
De gevolgen waren niet gelijk verdeeld binnen de onderzoeksgroep. Lhbtiqia+-jongeren, jongeren met financiële problemen en jongeren met gezondheidsklachten kwamen naar voren als kwetsbare groepen. Ook prestatiedruk speelde volgens de onderzoekers een rol bij de verslechtering van de mentale gezondheid.
De onderzoekers verbinden de langdurige gevolgen aan omstandigheden tijdens de coronacrisis. Beperkingen in sociale contacten, onzekerheid en het wegvallen van dagelijkse activiteiten hadden invloed op het welzijn van jongeren. Ook nadat de coronamaatregelen waren opgeheven, bleven de gevolgen op bepaalde onderdelen zichtbaar.
Aandacht voor bespreekbaarheid
Het onderzoeksteam pleit ervoor mentale klachten onder jongeren gemakkelijker bespreekbaar te maken. Daarbij moet volgens de onderzoekers worden voorkomen dat problemen direct als een ziekte worden bestempeld. Zij vragen daarnaast om meer ruimte voor de persoonlijke ervaringen en emoties van jongeren.
De onderzoekers adviseren de overheid ook om bij toekomstige crises niet uitsluitend naar de medische gevolgen te kijken. In het onderzoek staat de mentale gezondheid van jongeren centraal naast hun bredere welzijn. De resultaten over suïcidale gedachten wijken af van de ontwikkeling bij eenzaamheid, stress, lichamelijke klachten en het algemene mentale welzijn: op die onderdelen was na de pandemie wel geleidelijke verbetering zichtbaar.