De afname van ouderen met zorgprofiel 4 in verpleeghuizen wordt door de meeste deelnemers aan een recente Zorgvisie-poll toegeschreven aan beleid en financiering. Van de 103 lezers die reageerden, vinden 92 dat de daling niet voortkomt uit een afgenomen behoefte aan opname. Elf deelnemers onderschrijven wel de uitleg van Zorginstituut Nederland dat ouderen vaker thuis willen blijven wonen.
In 2025 had nog 5 procent van de nieuwe bewoners van verpleeghuizen zorgprofiel 4. Zorginstituut Nederland bracht de ontwikkeling eerder onder meer in verband met de voorkeur van ouderen om langer zelfstandig thuis te wonen. De poll van Zorgvisie laat zien dat de overgrote meerderheid van de deelnemende professionals die verklaring niet afdoende vindt.
Hogere drempel voor opname
Deelnemers beschrijven dat ouderen met een lichter zorgprofiel volgens hen moeilijker toegang krijgen tot een verpleeghuis of een andere woonvorm met zorg. Zij wijzen op toelatingseisen die in de praktijk strenger zouden zijn geworden. Ook noemen zij sturing door aanbieders op zwaardere zorgprofielen, zoals ZZP 5 en ZZP 6.
Volgens verschillende zorgprofessionals is zorgprofiel 4 financieel onvoldoende passend bij de manier waarop zorg en verblijf worden bekostigd. Daardoor zou het voor aanbieders lastiger zijn om ouderen met deze indicatie op te nemen. De reacties verbinden de daling van het aantal bewoners met zorgprofiel 4 daarmee aan de inrichting van het aanbod en de contractering, en niet alleen aan de voorkeuren van ouderen.
“Als wijkverpleegkundige zie ik in de thuis situatie veel situaties waarbij een oudere een VV04 toegewezen krijgt. We vragen de Wlz dan aan omdat het thuis eigenlijk niet meer gaat. Maar met een VV04 is opname onmogelijk.”
De wijkverpleegkundige die aan Zorgvisie reageerde, schrijft dat in zulke situaties extra uren thuiszorg nodig kunnen zijn en dat ook het informele netwerk meer ondersteuning moet bieden. De deelnemer waarschuwt daarbij voor overbelasting van mantelzorgers. De reactie maakt onderscheid tussen de formele indicatie die iemand krijgt en de mogelijkheid om op basis daarvan daadwerkelijk een woonplek met zorg te vinden.
Behoefte aan toezicht en aanspraak
Ook een specialist ouderengeneeskunde stelt dat ouderen wel degelijk behoefte kunnen hebben aan een woonomgeving met meer contact en toezicht. In de pollreactie wordt eenzaamheid genoemd als reden waarom ouderen gezamenlijk willen eten, koffie drinken en aanspraak zoeken. Volgens deze deelnemer krijgen zij daarvoor niet altijd een indicatie.
“Ouderen willen best in verzorgingshuis wonen, alwaar ze meer aanspraak en toezicht hebben.”
Bestuurders die aan de poll deelnamen, leggen de ontwikkeling eveneens bij het beleid. Een bestuurder schrijft dat zorg met dit profiel niet meer wordt gecontracteerd, ongeacht de behoefte van de burger. Een bestuurder uit de particuliere ouderenzorg wijst op de beschikbare budgetten en stelt dat daardoor niet de zorgvraag van de oudere, maar het beleid bepalend is.
Uitkomsten van de poll
- 92 van de 103 deelnemers zien beleid, toelatingsdrempels of financiering als belangrijkste verklaring voor de afname.
- 11 deelnemers sluiten aan bij de uitleg van Zorginstituut Nederland dat ouderen vaker thuis willen blijven wonen.
- In de reacties worden vooral zorgprofiel 4, de zwaardere profielen ZZP 5 en ZZP 6, contractering en mantelzorgbelasting genoemd.